Citaat | Raad van State 17 december 2014

Alinea 36 Raad van State 17 december 2014

Een alinea uit Raad van State 17 december 2014, ECLI:NL:RVS:2014:4606.

3.1. Zoals de Afdeling eerder heeft overwogen (onder meer uitspraak van 20 augustus 2014 in zaak nr. 201400134/1/A3) zijn de omstandigheden waaronder strafbare feiten zijn begaan in het kader van de beoordeling of aan het objectieve criterium is voldaan niet relevant. Ter beoordeling staat of het strafbare feit op zichzelf bezien, indien herhaald, een behoorlijke uitoefening van de bezigheid waarvoor de VOG is aangevraagd zou verhinderen omdat daarbij een risico voor de samenleving bestaat. Nu het strafbare feit waarvoor [appellant] is veroordeeld een zedendelict betreft zoals bedoeld in artikel 245, eerste lid, van het WvSr heeft de rechtbank terecht overwogen dat de terugkijktermijn volgens paragraaf 3.3.1 van de Beleidsregels niet in duur wordt beperkt. De rechtbank heeft eveneens terecht overwogen dat de staatsecretaris het strafbare feit bij de beoordeling mocht betrekken.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8cdab3cd45de41bb10e7fbe7cd3319eac74ba0e7e123e14e85d15908b9d15a3a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8cdab3cd45de41bb10e7fbe7cd3319eac74ba0e7e123e14e85d15908b9d15a3a, en de alinea staat in dat document op bytes 13716 tot 14619.