Citaat | Raad van State 19 februari 2014
Alinea 33 Raad van State 19 februari 2014
Een alinea uit Raad van State 19 februari 2014, ECLI:NL:RVS:2014:527.
Dit screeningsprofiel heeft betrekking op aanvragen ten behoeve van het verkrijgen van een chauffeurspas bij KIWA. In het screeningsprofiel wordt geen onderscheid gemaakt tussen de verschillende te vervoeren passagiersgroepen. De rechtbank heeft derhalve met juistheid vastgesteld dat in het screeningsprofiel geen onderscheid wordt gemaakt tussen een volledige chauffeurspas en een beperkte chauffeurspas en terecht overwogen dat de staatssecretaris de aanvraag van [appellant] aan het gehele screeningsprofiel voor een taxichauffeur heeft mogen toetsen. Daarbij heeft de rechtbank terecht van belang geacht dat, zoals de Afdeling eerder heeft overwogen (onder meer uitspraak van 16 januari 2013 in zaak nr. 201202918/1/A3), een chauffeurspas gedurende een langere periode geldig is en niet valt uit te sluiten dat degene die om een VOG heeft verzocht op enig moment ook ander taxivervoer zou kunnen gaan verrichten. Gelet op het toepasselijke screeningsprofiel is de rechtbank de staatssecretaris terecht gevolgd in diens standpunt dat snelheidsovertredingen bij uitstek niet te verenigen zijn met de functie van taxichauffeur. Dit geldt evenzeer voor overtredingen van de Opiumwet, nu de minister zich op het standpunt heeft mogen stellen dat de pleger van een drugsdelict zich in een crimineel circuit heeft begeven en voorkomen moet worden dat passagiers hiermee in aanraking komen. Nu [appellant] zich reeds in een criminele omgeving heeft begeven, heeft de rechtbank terecht aan het betoog van [appellant] dat bij gehandicaptenvervoer geen risico bestaat om in aanraking te komen met drugshandel niet de door hem gewenste betekenis toegekend, nog daargelaten de juistheid van dat betoog. De rechtbank heeft voorts terecht geen grond gezien voor het oordeel dat de staatssecretaris de overtredingen van de Wam niet bij de besluitvorming heeft mogen betrekken, nu de opsomming van delicten in het screeningsprofiel geen uitputtende opsomming is. Dat volgens [appellant] de kans op herhaling van deze overtredingen nihil is, heeft de rechtbank terecht niet van belang geacht, nu de zinsnede ‘indien herhaald’ in artikel 35, eerste lid, van de Wjsg geen beoordeling vereist of een risico op recidive bestaat, maar een beoordeling of het gepleegde feit op zichzelf, indien het nog een keer zou worden gepleegd, aan een behoorlijke uitoefening van de taak waarvoor de VOG is aangevraagd, in de weg zou staan (onder meer uitspraak van de Afdeling van 17 september 2008 in zaak nr. 200801860/1).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/55b8a2d929a95ffd342403e548a04d021da831a4c242beb712b8809b75d6a7a5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 55b8a2d929a95ffd342403e548a04d021da831a4c242beb712b8809b75d6a7a5, en de alinea staat in dat document op bytes 13079 tot 15590.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/55b8a2d929a95ffd342403e548a04d021da831a4c242beb712b8809b75d6a7a5 | shasum -a 256