Citaat | Raad van State 24 februari 2014

Alinea 22 Raad van State 24 februari 2014

Een alinea uit Raad van State 24 februari 2014, ECLI:NL:RVS:2014:722.

2. De vreemdeling klaagt in de grieven 1 en 2 dat de rechtbank niet heeft onderkend dat ingevolge artikel 8 van het Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden (hierna: het EVRM) op het COa een verplichting rust om haar en haar kind opvang te verlenen. Zij wijst erop dat de Centrale Raad van Beroep in de uitspraak van 9 november 2011 (ECLI:NL:CRVB:2011:BU4375) heeft overwogen dat zij en haar kind kwetsbare personen zijn en daarom in het bijzonder recht hebben op respect voor hun privé- en gezinsleven. Omdat zij vreemdelingen zijn, is het COa de aangewezen instantie om dat recht te waarborgen, aldus de vreemdeling.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/1a3bbd39c12c2498aa82d28812b6ed7f73fa3cd885e09402d8dcee67f7a23f6b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 1a3bbd39c12c2498aa82d28812b6ed7f73fa3cd885e09402d8dcee67f7a23f6b, en de alinea staat in dat document op bytes 6391 tot 7062.