Citaat | Raad van State 24 februari 2014
Alinea 23 Raad van State 24 februari 2014
Een alinea uit Raad van State 24 februari 2014, ECLI:NL:RVS:2014:722.
2.1. Zoals de Afdeling eerder heeft overwogen (onder meer de uitspraak van 22 november 2013 in zaak nr. 201112327/1/V1) kan uit artikel 8 van het EVRM noch uit de jurisprudentie van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (hierna: het EHRM) worden afgeleid dat voor de Staat een algemene verplichting bestaat om aan een al dan niet rechtmatig in Nederland verblijvende vreemdeling opvang te verlenen. Uit de jurisprudentie van het EHRM kan echter wel worden afgeleid dat het in artikel 8 van het EVRM besloten liggende recht op respect voor het privéleven - dat mede de fysieke en psychische integriteit van een persoon omvat - onder omstandigheden verplichtingen voor de Staat meebrengt om dat recht te waarborgen. Zoals de Hoge Raad in dat kader heeft overwogen in het arrest van 21 september 2012 (ECLI:NL:HR:2012:BW5328) rust op de Staat de verplichting om voor niet rechtmatig in Nederland verblijvende minderjarigen in adequate opvang en verzorging te voorzien, indien valt te voorzien dat hun ouders daarvoor niet de middelen zullen hebben. Daarbij moet de Staat het recht op respect voor het gezinsleven van die minderjarigen met hun ouders zoveel mogelijk eerbiedigen, aldus de Hoge Raad.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/1a3bbd39c12c2498aa82d28812b6ed7f73fa3cd885e09402d8dcee67f7a23f6b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 1a3bbd39c12c2498aa82d28812b6ed7f73fa3cd885e09402d8dcee67f7a23f6b, en de alinea staat in dat document op bytes 7082 tot 8298.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/1a3bbd39c12c2498aa82d28812b6ed7f73fa3cd885e09402d8dcee67f7a23f6b | shasum -a 256