Citaat | Raad van State 13 mei 2015

Alinea 34 Raad van State 13 mei 2015

Een alinea uit Raad van State 13 mei 2015, ECLI:NL:RVS:2015:1523.

3. [appellant] betoogt dat de rechtbank, door te overwegen dat de inhoud van het proces-verbaal het vermoeden rechtvaardigt dat hij niet langer beschikt over de vereiste rijvaardigheid, heeft miskend dat in het proces-verbaal ten onrechte is opgenomen dat hij de quad heeft bestuurd. Nu dat volgens hem niet het geval is, is de oplegging van een EMG in strijd met de in artikel 6, tweede lid, van het EVRM opgenomen onschuldpresumptie, aldus [appellant]. Volgens [appellant] heeft de rechtbank niet onderkend dat blijkens het arrest van het Europese Hof voor de Rechten van de Mens (hierna: het EHRM) van 27 september 2011, Hrdalo tegen Kroatië, nr. 23272/07 (www.echr.coe.int) de reikwijdte van artikel 6, tweede lid, van het EVRM zich ook kan uitstrekken over een bestuurlijke procedure, zoals hier aan de orde, indien een zodanige band bestaat tussen die procedure en een parallel daarmee plaats hebbende strafrechtelijke procedure dat de bestuurlijke procedure in feite leidt tot een vaststelling omtrent de schuld van betrokkenen, terwijl die niet onherroepelijk in de strafrechtelijke procedure is komen vast te staan. Hij betoogt in dit verband dat hij op 1 april 2014 onherroepelijk is vrijgesproken ter zake van de overtreding van artikel 5 van de Wvw.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/87d898bbd76135a3c32423f50d32767a4039297f7d1f573b9d99aed96ecdc86d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 87d898bbd76135a3c32423f50d32767a4039297f7d1f573b9d99aed96ecdc86d, en de alinea staat in dat document op bytes 10106 tot 11381.