Citaat | Raad van State 13 mei 2015

Alinea 159 Raad van State 13 mei 2015

Een alinea uit Raad van State 13 mei 2015, ECLI:NL:RVS:2015:1530.

31.2. Zoals de Afdeling eerder heeft overwogen (onder meer in de uitspraak van 29 augustus 2012 in zaak nr. 201001848/1/T1/A4), biedt de Nbw 1998 geen grondslag voor het verlenen van een vergunning voor zover het gaat om de mogelijke schadelijke gevolgen van een inrichting voor niet in Nederland gelegen gebieden. Gelet hierop moet in deze procedure over verlening van een vergunning krachtens de Wet milieubeheer worden beoordeeld of het bestreden besluit zich verdraagt met richtlijn 92/43/EEG van de Raad van 21 mei 1992 inzake de instandhouding van de natuurlijke habitats en de wilde flora en fauna (PB 1992 L 206; hierna: de Habitatrichtlijn). Artikel 6, derde lid, van de Habitatrichtlijn bepaalt dat voor elk plan of project dat niet direct verband houdt met of nodig is voor het beheer van het gebied, maar significante gevolgen kan hebben voor het gebied, een passende beoordeling wordt gemaakt van de gevolgen voor het gebied. De bevoegde nationale instanties mogen voor dat plan of project slechts toestemming geven nadat zij de zekerheid hebben verkregen dat het de natuurlijke kenmerken van het betrokken gebied niet zal aantasten.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/40dcb45193903cca042f728e0c56b8a1d692a8d1438c57684d2625ae652a9f47. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 40dcb45193903cca042f728e0c56b8a1d692a8d1438c57684d2625ae652a9f47, en de alinea staat in dat document op bytes 69160 tot 70319.