Citaat | Raad van State 28 januari 2015
Alinea 33 Raad van State 28 januari 2015
Een alinea uit Raad van State 28 januari 2015, ECLI:NL:RVS:2015:181.
4.3. Voor de vraag of zich in een concreet geval een overtreding heeft voorgedaan, geldt als uitgangspunt, gelet op de waarborgen die voortvloeien uit artikel 6, tweede lid, van het Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden, dat op het bestuursorgaan de bewijslast rust van een overtreding. In geval van twijfel dient aan betrokkene het voordeel van de twijfel te worden gegund (vergelijk overweging 4.8.3 van het arrest van de Hoge Raad van 15 april 2011 in zaak nr. 09/03075, ECLI:NL:HR:2011:BN6324).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/22ea4b10101ea7beec0dced4329657a78840f061f76f58f7d87601c430453035. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 22ea4b10101ea7beec0dced4329657a78840f061f76f58f7d87601c430453035, en de alinea staat in dat document op bytes 13055 tot 13608.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/22ea4b10101ea7beec0dced4329657a78840f061f76f58f7d87601c430453035 | shasum -a 256