Citaat | Raad van State 24 juni 2015
Alinea 34 Raad van State 24 juni 2015
Een alinea uit Raad van State 24 juni 2015, ECLI:NL:RVS:2015:1987.
4. [appellante] betoogt dat de rechtbank haar beroep voor zover het was gericht tegen het besluit van 10 maart 2014 ten onrechte niet-ontvankelijk heeft verklaard. Daartoe voert zij aan dat de rechtbank niet heeft onderkend dat de intrekking voor de duur van zes weken van de aan [appellante] verleende erkenning bedrijfsvoorraad per 24 maart 2014 prematuur ten uitvoer is gelegd nadat bij besluit van 10 maart 2014 was beslist op het bezwaar van [appellante]. Omdat de beslissing op bezwaar van 10 maart 2014 volgens [appellante] echter onjuist was, hetgeen werd bevestigd in het besluit van 16 juli 2014, ontstond bij [appellante] rechtsonzekerheid als gevolg waarvan zij heeft besloten haar bedrijfsactiviteiten, na het verstrijken van de door de RDW opgelegde intrekking, tijdelijk te staken van 6 mei 2014 tot en met 8 juni 2014. [appellante] stelt in die periode schade te hebben geleden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7f2b44bed112dd2971491844af873d7610ea9c5f2081de863e545aa7d00e2124. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7f2b44bed112dd2971491844af873d7610ea9c5f2081de863e545aa7d00e2124, en de alinea staat in dat document op bytes 12755 tot 13662.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/7f2b44bed112dd2971491844af873d7610ea9c5f2081de863e545aa7d00e2124 | shasum -a 256