Citaat | Raad van State 12 juni 2015

Alinea 25 Raad van State 12 juni 2015

Een alinea uit Raad van State 12 juni 2015, ECLI:NL:RVS:2015:1997.

2.2. Uit de uitspraak van de Afdeling van 21 februari 2013 in zaak nr. 201103977/1/V1 volgt dat indien de vreemdelingenrechter in beroep, dan wel in hoger beroep hangende een dergelijke procedure nog geen uitspraak heeft gedaan over de rechtmatigheid van een besluit waaruit de bevoegdheid tot feitelijke uitzetting voortvloeit, er gelet op het doel van artikel 72, derde lid, van de Vw 2000 voor toepassing van die bepaling geen plaats is. De vreemdeling kan en moet daarom uit een oogpunt van concentratie van rechtsbescherming de rechtmatigheid van een voorgenomen feitelijke uitzetting aan de orde stellen in de procedure tegen dat besluit, door het indienen van een verzoek tot het treffen van een voorlopige voorziening. Indien hij toch bezwaar maakt tegen de feitelijke uitzetting, moet dat bezwaarschrift worden beschouwd als een verzoek tot het treffen van een voorlopige voorziening in de procedure tegen het besluit waaruit de bevoegdheid tot feitelijke uitzetting voortvloeit, dan wel als een aanvulling op een reeds in die procedure gedaan verzoek. De staatssecretaris dient in dat geval het bezwaar door te zenden aan de voorzieningenrechter.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/1cbbad360a82f7c0adb994612c200af2779a0ecc7d1263473cd3dd9c740bd850. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 1cbbad360a82f7c0adb994612c200af2779a0ecc7d1263473cd3dd9c740bd850, en de alinea staat in dat document op bytes 6740 tot 7909.