Citaat | Raad van State 1 juli 2015
Alinea 52 Raad van State 1 juli 2015
Een alinea uit Raad van State 1 juli 2015, ECLI:NL:RVS:2015:2082.
7. GA1 en [appellant sub 1] betwisten dat het plan voorziet in een actuele en reële behoefte aan een bedrijventerrein. Volgens hen hangt de ontwikkeling van het gebied tot bedrijventerrein samen met de grote grondpositie van de gemeente in het plangebied van ongeveer 36 hectare. Zij wijzen in dit verband op de in het rapport van Purple Blue van november 2012 genoemde schuldpositie van de gemeente. GA1 en [appellant sub 1] betogen in aanvulling hierop en onder verwijzing naar het memo "Beoordeling van de geraamde vraag naar het bedrijventerrein Harselaar Zuid fase 1a" van Olden Advies van 1 december 2014 (hierna: het memo van Olden Advies van 1 december 2014) en het rapport "Harselaar Zuid fase 1A, een toets aan de ladder voor duurzame verstedelijking" van Olden Advies van 2 februari 2015 (hierna: het rapport van Olden Advies van 2 februari 2015), dat het plan is vastgesteld in strijd met artikel 3.1.6, tweede lid, aanhef en onder a en b, van het Besluit ruimtelijke ordening (hierna: Bro). Hiertoe voeren zij onder meer aan dat ten onrechte geen onderzoek is gedaan naar de actuele feitelijke marktvraag van bedrijventerrein. Modelramingen voor de lange termijn zijn hiertoe volgens hen onvoldoende. Ook zou het langjarig gemiddelde van gronduitgifte van 2,2 hectare moeten zijn betrokken in het onderzoek naar de behoefte aan bedrijventerrein. Daarnaast is volgens hen het bestaande aanbod onjuist en onvolledig in kaart gebracht. Ten aanzien van de lokale voorraad aan bedrijventerrein stellen zij, onder verwijzing naar maandrapportages van het college van burgemeester en wethouders aan de raad, dat de gemeente nog ongeveer 20 hectare uit te geven grond in voorraad heeft. Zij wijzen daarnaast op de 20 hectare aan uitgeefbare grond in het plangebied van bestemmingsplan "De Driehoek" en stellen voorts dat op het bedrijventerrein Harselaar West-West ook bedrijven zijn toegestaan in hoge milieucategorieën. De raad gaat volgens hen voorts uit van een onjuist aanbod aan bedrijventerrein op regionaal niveau. Zij stellen in dit verband dat het Regionaal Programma Bedrijventerrein Regio Food Valley (hierna: RPB) onvoldoende actueel en uitgewerkt is en dat de raad het aanbod van bedrijventerreinen in andere regiogemeenten ten onrechte niet heeft meegenomen. Ook wijzen zij op het samenwerkingsverband tussen de gemeenten Barneveld en Nijkerk en de regio Amersfoort, hetgeen volgens hen betekent dat ook naar de grondvoorraad aan bedrijventerrein in de regio Amersfoort had moet worden gekeken. Verder wijzen GA1 en [appellant sub 1] op het functieveranderingsbeleid voor het buitengebied ten gevolge waarvan de mogelijkheden zijn toegenomen voor niet-agrarische bedrijven om zich te vestigen in het buitengebied. Volgens hen had dit moeten worden betrokken in de aanbodzijde van bedrijventerrein. Ook de mogelijkheid tot hergebruik van leegstaande percelen had moeten worden bezien. In dit verband wijzen GA1 en [appellant sub 1] tot slot op het provinciale herstructureringsbeleid 2009-2013 en op de Bedrijventerrein Agenda 2020.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/eb825df48c924f8865e8d94929d3c7d43839392614bc757068c7d61390e8a7f8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt eb825df48c924f8865e8d94929d3c7d43839392614bc757068c7d61390e8a7f8, en de alinea staat in dat document op bytes 34955 tot 38021.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/eb825df48c924f8865e8d94929d3c7d43839392614bc757068c7d61390e8a7f8 | shasum -a 256