Citaat | Raad van State 30 juni 2015

Alinea 68 Raad van State 30 juni 2015

Een alinea uit Raad van State 30 juni 2015, ECLI:NL:RVS:2015:2174.

9.2. In paragraaf 6.3 van de passende beoordelingen worden de cumulatieve effecten beschreven. De Afdeling constateert dat daarbij uitsluitend eerdere bestortingen in de zogenoemde fase 1 - bij Schelphoek, Cauwersinlaag en Zuidhoek - worden genoemd, maar dat uit de passende beoordelingen niet blijkt dat ook de noodbestortingen, waarvan NOB en de Stichting onweersproken hebben gesteld dat die bij de Zeelandbrug en de Oosterscheldekering hebben plaatsgevonden, daarbij zijn betrokken. Nu in de passende beoordelingen niet inzichtelijk is gemaakt dat is bezien of deze noodbestortingen tot een verlies van het areaal van het habitattype 'grote baaien' (H1160) hebben geleid en of dit in combinatie met andere reeds uitgevoerde bestortingen en de in geschil zijnde bestortingen significante gevolgen kan hebben, heeft het college de passende beoordelingen in zoverre niet aan de bestreden besluiten ten grondslag kunnen leggen. In zoverre slaagt dit betoog.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/6402d46b32c5b08cb7a08be3c417c0c514f023a68be5f5ad2e8344388a9d57a1. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 6402d46b32c5b08cb7a08be3c417c0c514f023a68be5f5ad2e8344388a9d57a1, en de alinea staat in dat document op bytes 35595 tot 36565.