Citaat | Raad van State 4 februari 2015

Alinea 267 Raad van State 4 februari 2015

Een alinea uit Raad van State 4 februari 2015, ECLI:NL:RVS:2015:249.

16.4. De milieuvereniging heeft niet aannemelijk gemaakt dat het plan een zodanig negatieve invloed zal hebben op de leefbaarheid in en rond het plangebied dat van een inmenging in de zin van artikel 8 van het EVRM kan worden gesproken. Voorts geeft het aangevoerde geen aanleiding voor het oordeel dat de raad te kort is geschoten in een op hem rustende positieve verplichting om redelijke en gepaste maatregelen te nemen ter bescherming van de in artikel 8, eerste lid, van het EVRM neergelegde rechten. Voor zover toch sprake zou zijn van een inmenging vindt deze haar grondslag in de Wro en het op grond van die wet door de raad vastgestelde bestemmingsplan als bedoeld in artikel 3.1 van de Wro. Het vaststellen van het plan is noodzakelijk in het belang van één of meer van de in artikel 8, tweede lid, van het EVRM genoemde doelen. De milieuvereniging heeft evenmin aannemelijk gemaakt dat door de vaststelling van het plan artikel 2 van het EVRM is geschonden. Het betoog faalt.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/014d322f8cee39d1fb1e976d49525c3e204e43c1123c5c5f601ccb420081d216. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 014d322f8cee39d1fb1e976d49525c3e204e43c1123c5c5f601ccb420081d216, en de alinea staat in dat document op bytes 79817 tot 80818.