Citaat | Raad van State 4 februari 2015

Alinea 60 Raad van State 4 februari 2015

Een alinea uit Raad van State 4 februari 2015, ECLI:NL:RVS:2015:253.

Tijdens de voorbereiding van dit plan is het voornemen ontstaan om de Ommerschans op te laten nemen op de lijst voor de nominatie als werelderfgoed door de UNESCO. Het onderzoeksbureau Steenhuis Meurs doet in dat verband onderzoek naar de zogenoemde Outstanding Universal Value (hierna: OUV) die van belang zijn voor een nominatie als werelderfgoed van het gebied. Gezien deze ontwikkeling en de gevoeligheid van de locatie heeft de raad aanleiding gezien Steenhuis Meurs te vragen in beeld te brengen wat gedaan zou moeten worden om recht te doen aan de desbetreffende OUV. Vanuit dat uitgangspunt is in het rapport van Steenhuis Meurs de in het plan voorziene ontwikkeling als een gegeven beschouwd. Anders dan [appellant sub 1] stelt, betekent dit naar het oordeel van de Afdeling niet dat voor dit plan geen onafhankelijke en onbevooroordeelde afweging heeft plaatsgevonden. De afweging die de raad heeft gemaakt voor deze locatie heeft immers blijkens het tweede ervenconsulentenadvies van 30 oktober 2012 al eerder plaatsgevonden. Met het rapport van Steenhuis Meurs is beoogd nadere randvoorwaarden te formuleren, zodat dit plan aan een eventuele aanwijzing als werelderfgoed niet in de weg staat. Weliswaar staat in dit rapport dat voorliggende ontwikkeling op gespannen voet staat met de historische bebouwingsstructuur van de Ommerschans, daarin worden ook aanbevelingen gedaan. Of de aanwijzing als werelderfgoed door de UNESCO zal plaatsvinden is een vraag die in het kader van deze bestemmingsplanprocedure niet aan de orde kan komen. Een nadere beoordeling, zoals in het rapport van Steenhuis Meurs is geadviseerd, behoefde derhalve ook niet ten behoeve van deze procedure te worden gedaan. In de Wro noch in andere regelgeving is terzake een voorbereidingsbescherming verplicht gesteld, zodat er gaan aanleiding bestaat voor het oordeel dat de raad de mogelijke aanwijzing als werelderfgoed had moeten afwachten. Over de uitspraken waar [appellant sub 1] op wijst, oordeelt de Afdeling dat weliswaar in die zaken ook een aanwijzing als werelderfgoed speelde, maar dat [appellant sub 1] niet nader heeft onderbouwd in welk opzicht die zaken vergelijkbaar zijn met deze zaak.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/64e3e17f7d6b56708db2d6b2615e18c70393e5731d84ea5117811bc62060c100. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 64e3e17f7d6b56708db2d6b2615e18c70393e5731d84ea5117811bc62060c100, en de alinea staat in dat document op bytes 26943 tot 29148.