Citaat | Raad van State 21 oktober 2015

Alinea 37 Raad van State 21 oktober 2015

Een alinea uit Raad van State 21 oktober 2015, ECLI:NL:RVS:2015:3222.

De rechtbank heeft in het door de VvE aangevoerde dat het college bij de beoordeling ten onrechte de effecten van de schaduwwerking en de daglichttoetreding op het gebouw uitsluitend heeft beoordeeld aan de hand van de schaduwtekeningen die zijn gemaakt voor de lente en de herfst en daarbij ook de schaduw in de winter had moeten betrekken, terecht geen grond gevonden voor een ander oordeel. In dit verband heeft het college zich in redelijkheid op het standpunt kunnen stellen dat in de winter de zon zo laag staat dat een nabijgelegen pand nagenoeg altijd schaduwhinder ondervindt, ongeacht de hoogte van de naastgelegen bebouwing. Het college heeft ter zitting aan de hand van een schaduwtekening die is opgemaakt voor de winter voorts genoegzaam gemotiveerd dat door de ontwikkeling die het bestemmingsplan toestaat het gebouw van de VvE al grotendeels in de schaduw valt en dat door de overschrijdingen van de in het bestemmingsplan opgenomen bouwhoogtes van de noord-oostgevel aan de kop van de Koude Horn in de winter slechts een zestal woningen extra schaduwwerking ondervinden gedurende een korte periode van de dag.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b1f60eae1b9526a9d75b7c77f571da6f8c1cf4ce290be3d8eb6ffad69babdbf1. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b1f60eae1b9526a9d75b7c77f571da6f8c1cf4ce290be3d8eb6ffad69babdbf1, en de alinea staat in dat document op bytes 17982 tot 19122.