Citaat | Raad van State 21 oktober 2015
Alinea 27 Raad van State 21 oktober 2015
Een alinea uit Raad van State 21 oktober 2015, ECLI:NL:RVS:2015:3251.
3. [appellant sub 2] voert in zijn meest verstrekkende betoog aan dat de rechtbank niet heeft onderkend dat de minister niet heeft aangetoond dat de vreemdeling ten behoeve van hem arbeid heeft verricht. Hij voert daartoe aan dat het proces-verbaal vaag en feitelijk onjuist is en dat de verklaringen die de minister aan de boeteoplegging ten grondslag heeft gelegd innerlijk tegenstrijdig zijn, omdat hij als dagplaatshouder op de markt altijd op een andere standplaats staat. Verder wijst [appellant sub 2] erop dat de organisatie van de markt kleine marktkraampjes zoals die van hem wil weren en het daarom geen toeval is dat juist bij hem is ingegrepen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/52587f726ffd18cb0c27bc93386ba132f6abaf9457411b849330d02efc7c0777. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 52587f726ffd18cb0c27bc93386ba132f6abaf9457411b849330d02efc7c0777, en de alinea staat in dat document op bytes 7597 tot 8267.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/52587f726ffd18cb0c27bc93386ba132f6abaf9457411b849330d02efc7c0777 | shasum -a 256