Citaat | Raad van State 16 oktober 2015

Alinea 26 Raad van State 16 oktober 2015

Een alinea uit Raad van State 16 oktober 2015, ECLI:NL:RVS:2015:3270.

3.1. Zoals de Afdeling heeft overwogen in de door de staatssecretaris in zijn verweerschrift bij de rechtbank aangehaalde uitspraak van 5 maart 2014 in zaak nr. 201304859/1/V2, en ook in die van 24 april 2015 in zaak nr. 201403860/1/V2, blijkt niet dat de Iraanse autoriteiten alle Iraniërs van wie informatie op internet is te vinden, in de gaten houden of dat zij alle Iraniërs die terugkeren naar Iran bij aankomst onderzoeken. Met de door hem ingeroepen stukken, voor zover deze niet reeds bij voormelde uitspraak van 24 april 2015 zijn betrokken, heeft de vreemdeling niet aannemelijk gemaakt dat dat wel het geval is.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b3ca3c878f8bba71239f9de4ed07db45fc37e2b78168ad53c4f5080da7b7585b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b3ca3c878f8bba71239f9de4ed07db45fc37e2b78168ad53c4f5080da7b7585b, en de alinea staat in dat document op bytes 13301 tot 13939.