Citaat | Raad van State 16 oktober 2015

Alinea 27 Raad van State 16 oktober 2015

Een alinea uit Raad van State 16 oktober 2015, ECLI:NL:RVS:2015:3270.

3.2. De vreemdeling heeft derhalve met persoonlijke feiten en omstandigheden aannemelijk moeten maken dat hij in de negatieve belangstelling van de Iraanse autoriteiten staat (zie voormelde uitspraak van de Afdeling van 24 april 2015). Aan zijn standpunt dat de vreemdeling daarin niet is geslaagd, heeft de staatssecretaris ten grondslag gelegd dat niet is onderbouwd dat de Iraanse autoriteiten op de hoogte zijn van alle op YouTube geplaatste films en dat de vreemdeling voorts zelf heeft verklaard niet in de film te zien te zijn en evenmin daarin, als cameraman van de film, genoemd te worden. De staatssecretaris heeft zich terecht op het standpunt gesteld dat de vreemdeling niet aannemelijk heeft gemaakt dat de Iraanse autoriteiten van het bestaan van de film en de betrokkenheid van de vreemdeling daarbij op de hoogte zijn, zodat hij evenmin aannemelijk heeft gemaakt dat hij persoonlijk in de negatieve belangstelling van die autoriteiten staat.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b3ca3c878f8bba71239f9de4ed07db45fc37e2b78168ad53c4f5080da7b7585b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b3ca3c878f8bba71239f9de4ed07db45fc37e2b78168ad53c4f5080da7b7585b, en de alinea staat in dat document op bytes 13959 tot 14929.