Citaat | Raad van State 4 november 2015
Alinea 61 Raad van State 4 november 2015
Een alinea uit Raad van State 4 november 2015, ECLI:NL:RVS:2015:3367.
Gelet op het vorenstaande betoogt [appellante] tevergeefs dat de opgelegde boete in strijd is met punt 14, tweede alinea, van Bijlage VI. Zij betoogt voorts tevergeefs dat de opgelegde boete in strijd is met de derde alinea van die bepaling, reeds omdat de vreemdeling in de onder 2 bedoelde periode niet was toegelaten tot de Nederlandse arbeidsmarkt en hij derhalve geen legaal in Nederland verblijvende en werkende Bulgaarse werknemer was als bedoeld in die alinea. Er bestaat gelet op punt 16 van het arrest van het Hof van 6 oktober 1982, C-283/81, Cilfit, (ECLI:EU:C:1982:335), geen aanleiding tot het stellen van prejudiciële vragen, aangezien redelijkerwijs geen twijfel kan bestaan over de wijze waarop de opgeworpen vraag over de betrokken Unierechtelijke rechtsregel moet worden beantwoord.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/da16dd5f29d8ee0bdf3134665f83134cfba4c1f816c212f41192079a004dec81. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt da16dd5f29d8ee0bdf3134665f83134cfba4c1f816c212f41192079a004dec81, en de alinea staat in dat document op bytes 32554 tot 33369.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/da16dd5f29d8ee0bdf3134665f83134cfba4c1f816c212f41192079a004dec81 | shasum -a 256