Citaat | Raad van State 11 november 2015
Alinea 49 Raad van State 11 november 2015
Een alinea uit Raad van State 11 november 2015, ECLI:NL:RVS:2015:3444.
In de plantoelichting is ingegaan op de ladder voor duurzame verstedelijking. Hier is vermeld dat de in het plan voorziene woningbouw is opgenomen in het regionale woningbouwprogramma voor de Stadsregio. In de Woonvisie Gelderland "Keuzevrijheid en Identiteit - Kwalitatief Woonprogramma 2010-2019" (hierna: Woonvisie) is voor de Stadsregio op basis van diverse onderzoeken de netto woningbehoefte voor de periode 2010-2019 bepaald. Voor het gebied is een netto uitbreiding van de woningvoorraad van 26.000 woningen voorzien in de periode 2010 tot en met 2019. Daarnaast bestaat er volgens de Woonvisie voor de Stadsregio voor de periode 2020-2030 nog eens een woningbehoefte van 12.500 woningen. Voorts is in de Verstedelijkingsvisie "Van koers naar keuze - Integrale visie op de gebundelde kracht van stad en land" van de Stadsregio (hierna: Verstedelijkingsvisie) een indicatief woningbouwprogramma opgenomen van circa 60 woningen voor de gemeente Rozendaal, tussen 2010 en 2020. Aangezien De Del de enige woningbouwlocatie in de gemeente is zal dit programma geheel gerealiseerd worden in het plangebied, aldus de plantoelichting. Het woningbouwprogramma van circa 60 woningen uit de Verstedelijkingsvisie is indicatief en dat het plan 64 woningen mogelijk maakt leidt, anders dan [appellant sub 2] betoogt, niet tot het oordeel dat het plan niet in een actuele regionale behoefte voorziet. Uit het woningmarktonderzoek dat heeft geresulteerd in het Eindrapport van Atrivé blijkt voorts dat zich geen kwantitatieve overcapaciteit voordoet. Per 1 januari 2013 was de "harde en zachte plancapaciteit" samen kleiner dan de maximaal gewenste planvoorraad, met een resterende behoefte van ongeveer 30%. De raad heeft ter zitting toegelicht dat de woningbouw die in de periode tussen 1 januari 2013 en de vaststelling van het plan op 28 oktober 2014 planologisch mogelijk is gemaakt, in het Eindrapport van Atrivé reeds als "zachte plannen" in beschouwing zijn genomen en dat het toevoegen van deze plannen aan de harde plancapaciteit niet betekent dat de woningbehoefte wordt overschreden. Uit het Eindrapport van Atrivé blijkt immers dat er nog ruimte bestaat voor het hard maken van "zachte plannen", aldus de raad. [appellant sub 1] en anderen hebben niet aannemelijk gemaakt dat dit onjuist is. De door [appellant sub 1] en anderen genoemde bestemmingsplannen die tussen 1 januari 2013 en 28 oktober 2014 zijn vastgesteld maken minder woningen mogelijk dan de resterende behoefte waarvan volgens het Eindrapport van Atrivé sprake is.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fc0582bd43d7d3dcbcf455199fb07dd92c2b5f9511849ba50f848668bb11d7ba. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fc0582bd43d7d3dcbcf455199fb07dd92c2b5f9511849ba50f848668bb11d7ba, en de alinea staat in dat document op bytes 15430 tot 17983.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/fc0582bd43d7d3dcbcf455199fb07dd92c2b5f9511849ba50f848668bb11d7ba | shasum -a 256