Citaat | Raad van State 7 januari 2015

Alinea 201 Raad van State 7 januari 2015

Een alinea uit Raad van State 7 januari 2015, ECLI:NL:RVS:2015:5.

36.5.1. Hoewel het betoog van de vereniging dat de rechtbank ten onrechte niet op deze beroepsgrond is ingegaan terecht is voorgedragen, leidt het niet tot het daarmee beoogde doel. De vaststelling van de aanwezigheid van verontreiniging in de bodem, de noodzaak van sanering van verontreinigde locaties en de wijze waarop deze sanering moet worden uitgevoerd, zijn geregeld in afzonderlijke wetgeving met eigen procedures, die thans niet ter beoordeling staan. Slechts indien en voor zover het college op voorhand in redelijkheid had moeten inzien dat een aanwezige bodemverontreiniging aan de uitvoerbaarheid van het project in de weg staat, had hij dat projectbesluit niet mogen vaststellen. Van een dergelijke situatie is niet gebleken, mede gelet op het historisch bodemonderzoek van Arcadis, waarin is geconcludeerd dat geen aanleiding bestaat voor het uitvoeren van een verkennend bodemonderzoek.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0fe22a31aa5c7d80b0ab3a25f8760b4f3902053e715e55ad9dc735c7705cb0a2. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0fe22a31aa5c7d80b0ab3a25f8760b4f3902053e715e55ad9dc735c7705cb0a2, en de alinea staat in dat document op bytes 75623 tot 76539.