Citaat | Raad van State 11 maart 2015
Alinea 46 Raad van State 11 maart 2015
Een alinea uit Raad van State 11 maart 2015, ECLI:NL:RVS:2015:686.
slechte financiële positie gestaafd met financiële gegevens en bescheiden. Zo heeft zij stukken overgelegd waaruit blijkt dat de aan haar onderneming toebehorende registergoederen zijn geveild, welk bedrag dit heeft opgebracht en hoe de verdeling ervan onder de schuldeisers heeft plaatsgevonden. Ook heeft zij nieuwe dwangbevelen, een bankafschrift en een financieel jaaroverzicht overgelegd. In hoger beroep heeft [appellante] eveneens haar slechte financiële positie naar voren gebracht. Zij stelt dat de thans openstaande boetes die niet na de veiling zijn voldaan, nog afgezien van de hier opgelegde boete en die in zaak nr. 201311619/1/A3, in totaal € 872.750,00 bedragen. De minister heeft ter zitting bij de Afdeling verklaard dat de openstaande restvordering € 252.000,00 bedraagt. De exacte hoogte van de restvordering daargelaten, is de Afdeling thans van oordeel dat ieder zicht op betaling van de aan [appellante] opgelegde boetes ontbreekt. Voldoende aannemelijk is immers dat [appellante] als gevolg van de haar eerder opgelegde boetes een zeer forse schuldenlast heeft die verder zal oplopen door handhaving van het bestreden besluit. De onderneming van [appellante] is inmiddels gefailleerd en verkocht, zodat [appellante] die onderneming niet meer kan uitoefenen. Verder is van belang dat [appellante] thans een bijstandsuitkering ontvangt, het voor haar gezien haar leeftijd en gezondheidstoestand niet eenvoudig is inkomen te genereren en er geen vooruitzicht bestaat dat haar financiële situatie anderszins zal verbeteren. Een en ander rechtvaardigt de conclusie dat [appellante] , die in de jaren voorafgaand aan het nemen van het bestreden besluit in verband met overtreding van de Wmm een reeks zeer hoge boetes heeft opgelegd gekregen en wegens daarmee samenhangende strafbare feiten een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van langere duur, afdoende heeft aangetoond geen reële mogelijkheden meer te hebben de nog openstaande eerder opgelegde boetes en de bij het bestreden besluit opgelegde boete te voldoen of in de afzienbare toekomst te voldoen terwijl voorts het risico op herhaling als zeer gering mag worden beschouwd. Gelet op deze omstandigheden is de Afdeling van oordeel dat de opgelegde boete onevenredig is. Hoewel de hoogte van de boete op grond van de Beleidsregel juist is vastgesteld, dient deze daarom te worden gematigd tot nihil.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4643d74af49173474ffa75906860a3b38fa145a4e6afa2f9c9759f6a224e62d8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4643d74af49173474ffa75906860a3b38fa145a4e6afa2f9c9759f6a224e62d8, en de alinea staat in dat document op bytes 27481 tot 29876.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/4643d74af49173474ffa75906860a3b38fa145a4e6afa2f9c9759f6a224e62d8 | shasum -a 256