Citaat | Raad van State 18 maart 2015

Alinea 58 Raad van State 18 maart 2015

Een alinea uit Raad van State 18 maart 2015, ECLI:NL:RVS:2015:804.

De door [appellant] opgevoerde kosten voor een door hem meegebrachte of opgeroepen getuige voor de zitting van 4 september 2013 komen niet voor vergoeding in aanmerking, reeds omdat op die zitting geen getuige is verschenen. Kosten voor het meebrengen van D.E. Poeze als getuige naar de zitting van de rechtbank van 19 juli 2012 komen evenmin voor vergoeding in aanmerking. [appellant] heeft deze getuige blijkens het proces-verbaal van die zitting ingeroepen omdat deze kon verklaren over door hem ervaren milieuhinder rond de inrichting. Dat is onvoldoende voor het oordeel dat [appellant], gezien de feiten en omstandigheden zoals die bestonden ten tijde van de oproeping, ervan mocht uitgaan dat de getuige een bijdrage zou leveren aan een voor hem gunstige beantwoording door de rechter van een voor de uitkomst van het geschil mogelijk relevante vraag.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bef2e422e2eb796753f8e740a783f87e333389732d705897757ee5d83f655664. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bef2e422e2eb796753f8e740a783f87e333389732d705897757ee5d83f655664, en de alinea staat in dat document op bytes 23381 tot 24252.