Citaat | Raad van State 20 april 2016

Alinea 32 Raad van State 20 april 2016

Een alinea uit Raad van State 20 april 2016, ECLI:NL:RVS:2016:1048.

5. Bij brief van 30 januari 2014 heeft [appellant] het college verzocht om vergoeding van de ten gevolge van de onjuiste motivering van het besluit van 16 maart 2011 geleden schade van € 474.284,00 wegens vertraging bij de realisering van het bouwplan en de verkoop van de helft van het woonhuis. Indien het college meteen te kennen had gegeven dat het bouwplan op het onderdeel van de kelders in strijd is met de bestemmingsplanvoorschriften, zou hij eerder in staat zijn geweest om het bouwplan aan te passen, zodat tijdig met de bouw van het woonhuis kon worden aangevangen en [persoon] de overeenkomst niet had ontbonden. In dit verband wijst hij op het geringe tijdsverloop tussen de gewijzigde aanvraag van 15 november 2012 en het positieve besluit van 7 februari 2013. Volgens [appellant] bestaat de schade uit extra financieringskosten, gederfde verkoopopbrengst van de helft van het woonhuis, kosten van juridische bijstand, meerwerk als gevolg van de vertraging, dubbele woonlasten, parkeerkosten en kosten van eigen tijdsbesteding.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/069d7f55de4dcf630e9f81cbd927c8a503b2a76af53fc063fa760b32ef8a9b23. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 069d7f55de4dcf630e9f81cbd927c8a503b2a76af53fc063fa760b32ef8a9b23, en de alinea staat in dat document op bytes 11025 tot 12082.