Citaat | Raad van State 20 april 2016

Alinea 34 Raad van State 20 april 2016

Een alinea uit Raad van State 20 april 2016, ECLI:NL:RVS:2016:1049.

6.3. Uit de jurisprudentie van de Afdeling (onder meer de uitspraak van 27 maart 2013 in zaak nr. 201204628/1/A2) valt af te leiden dat, anders dan [appellant A] en anderen betogen, bij het bepalen van de voorzienbaarheid van de schade geen betekenis toekomt aan de grootte van de ten tijde van de beslissing tot investering bestaande kans dat de schade niet zou ontstaan. Volgens die jurisprudentie is de meest ongunstige uitwerking van een concreet beleidsvoornemen beslissend voor het antwoord op de vraag of en zo ja in hoeverre de betrokkene het risico van de schade heeft aanvaard. Aan de door [appellant A] en anderen aangehaalde tussenuitspraak van de Afdeling van 10 november 2010 in zaak nr. 201002921/1/T1/H2 komt in dit verband geen betekenis toe. Die uitspraak ziet niet op de betekenis van de grootte van de ten tijde van de beslissing tot investering bestaande kans dat de schade niet zal ontstaan, maar op de toetsing van een door het bestuursorgaan gevoerd beleid bij het beoordelen van de mate van voorzienbaarheid van de schadeveroorzakende overheidsmaatregel.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/affb87a233060c4adf4d70b0c1c4250250776376baf95d0c3d7dd5b0ef1a452d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt affb87a233060c4adf4d70b0c1c4250250776376baf95d0c3d7dd5b0ef1a452d, en de alinea staat in dat document op bytes 13333 tot 14425.