Citaat | Raad van State 20 april 2016
Alinea 250 Raad van State 20 april 2016
Een alinea uit Raad van State 20 april 2016, ECLI:NL:RVS:2016:1072.
41.3. De Afdeling ziet in hetgeen Oplossing N69 en anderen en de Brabantse Milieufederatie hebben aangevoerd geen aanleiding voor het oordeel dat de achtergronddepositie en de stikstofdepositie voor het habitattype "vochtige alluviale bossen" in deelgebied D van het Natura 2000-gebied onjuist zijn bepaald. Oplossing N69 en anderen en de Brabantse Milieufederatie zijn er op grond van p. 35 van de passende beoordeling van uitgegaan dat de achtergronddepositie 2000 mol N/ha/jaar bedraagt en daarmee hoger is dan de KDW. Provinciale staten hebben echter toegelicht dat dit getal een globaal gemiddelde voor het gehele onderzoeksgebied betreft. Niet gebleken is dat dit onjuist is. Zoals provinciale staten hebben toegelicht, zijn voor de effectbeoordeling de locatiespecifieke gegevens per kilometerhok gebruikt. Op grond daarvan is de achtergronddepositie in de twee relevante kilometerhokken berekend op 1708 en 1788 mol N/ha/jaar. De KDW wordt daarmee niet overschreden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ca4a786f90035e92421bbe29c9d8a345c64269d64547e1c494e2f52b8431a4e2. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ca4a786f90035e92421bbe29c9d8a345c64269d64547e1c494e2f52b8431a4e2, en de alinea staat in dat document op bytes 117477 tot 118464.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ca4a786f90035e92421bbe29c9d8a345c64269d64547e1c494e2f52b8431a4e2 | shasum -a 256