Citaat | Raad van State 26 april 2016

Alinea 30 Raad van State 26 april 2016

Een alinea uit Raad van State 26 april 2016, ECLI:NL:RVS:2016:1097.

De beëindiging van de huurovereenkomst, de dreigende beëindiging van de schuldsanering en de problemen met Jeugdzorg zijn omstandigheden die weliswaar het gevolg zijn van het sluitingsbevel maar daar niet rechtstreeks uit voortvloeien. Zij zijn bovendien niet bijzonder omdat zij voorzienbaar zijn nadat een handelshoeveelheid drugs in een woning is aangetroffen. In de enige van vóór het sluitingsbevel daterende omstandigheid dat de strafzaak tegen [appellante] op 29 augustus 2014 is geseponeerd, heeft de rechtbank terecht geen aanleiding gezien voor het oordeel dat het sluitingsbevel niet meer uitsluitend het karakter van een herstelsanctie zou hebben. Artikel 6, tweede lid, van het EVRM is derhalve niet van toepassing.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7e311ea6f73a68c15a9bc338914a77fe56c865bbf36118bc2eeb3b9aa3fc6fee. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7e311ea6f73a68c15a9bc338914a77fe56c865bbf36118bc2eeb3b9aa3fc6fee, en de alinea staat in dat document op bytes 11947 tot 12692.