Citaat | Raad van State 26 april 2016

Alinea 32 Raad van State 26 april 2016

Een alinea uit Raad van State 26 april 2016, ECLI:NL:RVS:2016:1102.

Omdat het college naar het oordeel van de rechtbank ten aanzien van [appellant sub 1A] ten onrechte misbruik van recht heeft aangenomen, heeft de rechtbank het door [appellant sub 1A] ingestelde beroep gegrond verklaard en het op hem betrekking hebbende besluit van 5 juni 2014 vernietigd. Omdat [appellant sub 1A] ter zitting in beroep heeft aangevoerd dat hij zijn brief van 11 januari 2014 nimmer als verzoek op grond van de Wob heeft bedoeld, is de rechtbank ervan uitgegaan dat hij het college heeft verzocht om een feitelijke handeling te verrichten. Naar het oordeel van de rechtbank volgt hieruit dat het verzoek van [appellant sub 1A] niet-ontvankelijk dient te worden verklaard, nu voormelde brief geen aanvraag tot het nemen van een besluit in de zin van artikel 1:3 van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: de Awb) bevat.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/aaa4357c567be478cbfdf31532dff84a9b59fbd358923efb10f027db14093116. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt aaa4357c567be478cbfdf31532dff84a9b59fbd358923efb10f027db14093116, en de alinea staat in dat document op bytes 10499 tot 11347.