Citaat | Raad van State 26 april 2016
Alinea 48 Raad van State 26 april 2016
Een alinea uit Raad van State 26 april 2016, ECLI:NL:RVS:2016:1102.
6.1. Het op [appellant sub 1A] betrekking hebbende besluit op bezwaar van 5 juni 2014 is door de rechtbank vernietigd. De rechtbank heeft aanleiding gezien om de zaak verder zelf af te doen. Daarbij diende de rechtbank, met inachtneming van de feiten en omstandigheden zoals die zich op dat moment voordeden, te beslissen welk besluit moest worden genomen op het door [appellant sub 1A] gemaakte bezwaar. Hierbij is de rechtbank uitgegaan van het in beroep door [appellant sub 1A] gevoerde betoog dat hij met zijn brief van 11 januari 2014 niet heeft beoogd een Wob-verzoek in te dienen, maar slechts heeft gevraagd om het verrichten van een feitelijke handeling. Uitgaande van deze nieuwe feiten en omstandigheden, die ten tijde van het besluit van 5 juni 2014 nog niet bekend waren, heeft de rechtbank terecht overwogen dat de brief van [appellant sub 1A] van 11 januari 2014 geen aanvraag tot het nemen van een besluit in de zin van artikel 1:3 van de Awb bevat. De brief van het college van 28 januari 2014 is daarom geen besluit in de zin van die bepaling. Anders dan [appellant sub 1A] aanvoert, is daartoe niet redengevend dat de verzochte informatie reeds openbaar was, maar dat zijn brief - naar eerst in beroep naar voren is gebracht - geen verzoek op grond van de Wob is.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/aaa4357c567be478cbfdf31532dff84a9b59fbd358923efb10f027db14093116. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt aaa4357c567be478cbfdf31532dff84a9b59fbd358923efb10f027db14093116, en de alinea staat in dat document op bytes 21598 tot 22893.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/aaa4357c567be478cbfdf31532dff84a9b59fbd358923efb10f027db14093116 | shasum -a 256