Citaat | Raad van State 26 april 2016

Alinea 50 Raad van State 26 april 2016

Een alinea uit Raad van State 26 april 2016, ECLI:NL:RVS:2016:1102.

Er is geen grond voor het oordeel dat de rechtbank niet mocht afzien van veroordeling van het college tot vergoeding van de kosten die [appellant sub 1A] voor het beroep heeft gemaakt. De beroepsprocedure hing immers rechtstreeks samen met het - blijkens [appellant sub 1A]s eigen betoog ter zitting bij de rechtbank - ten onrechte presenteren van zijn verzoek van 11 januari 2014 als verzoek op grond van de Wob. De beroepsprocedure had door [appellant sub 1A] kunnen worden voorkomen, indien hij reeds in zijn brief van 11 januari 2014 of in elk geval reeds in bezwaar duidelijk had gemaakt wat hij werkelijk bedoelde met zijn verzoek.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/aaa4357c567be478cbfdf31532dff84a9b59fbd358923efb10f027db14093116. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt aaa4357c567be478cbfdf31532dff84a9b59fbd358923efb10f027db14093116, en de alinea staat in dat document op bytes 23274 tot 23924.