Citaat | Raad van State 26 april 2016
Alinea 38 Raad van State 26 april 2016
Een alinea uit Raad van State 26 april 2016, ECLI:NL:RVS:2016:1105.
Deze verklaring kan, reeds gelet op de datum ervan, niet worden aangemerkt als een machtiging aan [medewerker] die kan worden gelijkgesteld met een algemeen mandaat dan wel een mandaat voor een bepaald geval, als bedoeld in artikel 10:4 van de Awb, om op 5 december 2013 een nader onderzoek uit te voeren bij [appellante]. Daarom heeft de Afdeling het college bij brief van 24 februari 2016 verzocht om alle stukken toe te zenden die het standpunt van het college onderschrijven dat [medewerker] bevoegd was op die datum een nader onderzoek uit te voeren bij [appellante]. Het college heeft bij brief van 3 maart 2016 geantwoord dat het deze stukken niet kan aanleveren. Tevens heeft het college in die brief vermeld zich niet ter zitting te laten vertegenwoordigen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4fcef399fa0892efce28f55c7d5631941585cc53347fdfafb705537ac4f696a3. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4fcef399fa0892efce28f55c7d5631941585cc53347fdfafb705537ac4f696a3, en de alinea staat in dat document op bytes 15603 tot 16382.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/4fcef399fa0892efce28f55c7d5631941585cc53347fdfafb705537ac4f696a3 | shasum -a 256