Citaat | Raad van State 26 april 2016

Alinea 42 Raad van State 26 april 2016

Een alinea uit Raad van State 26 april 2016, ECLI:NL:RVS:2016:1140.

De wettelijke vertegenwoordigers van de jeugdige hebben niet zonder meer inzage in en krijgen niet zonder meer afschrift van bescheiden met betrekking tot de jeugdige. Indien het belang van de jeugdige zich daartegen verzet, worden de bescheiden niet verstrekt. Daarbij gaat het volgens de MvT bijvoorbeeld om een situatie, waarin het terstond verstrekken van de informatie over de jeugdige met zich kan brengen dat de wettelijke vertegenwoordiger de jeugdige aan de nodige zorg onttrekt. Ook kan het gaan om gevallen waarin moet worden gevreesd voor het toebrengen van fysieke of psychische schade aan de jeugdige (Kamerstukken II 2001/2002, 28 168, nr. 3, blz. 75). Derhalve heeft de wetgever reeds de belangen afgewogen door te bepalen dat in geval van een belangenconflict het belang van de jeugdige prevaleert. Ten aanzien van derden heeft de wetgever bepaald dat toestemming van de cliënt dan wel van diens wettelijk vertegenwoordiger is vereist om inzage in of afschrift van bescheiden met betrekking tot de jeugdige te verkrijgen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fb4a19aac4c7e24b17c8d840b19ce34ba55f0eb976ddc126fd891645c7f8dd24. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fb4a19aac4c7e24b17c8d840b19ce34ba55f0eb976ddc126fd891645c7f8dd24, en de alinea staat in dat document op bytes 15298 tot 16350.