Citaat | Raad van State 4 mei 2016

Alinea 248 Raad van State 4 mei 2016

Een alinea uit Raad van State 4 mei 2016, ECLI:NL:RVS:2016:1228.

34. De Afdeling stelt voorop dat de ministers bij de beoordeling van welke hinder van lichtschittering zij in het kader van een goede ruimtelijke ordening aanvaardbaar achten in redelijkheid hebben kunnen aansluiten bij de in artikel 3.13 van de Activiteitenregeling milieubeheer opgenomen norm. De ministers hebben toegelicht dat alle windturbines in overeenstemming met dit artikel zullen worden uitgerust met een niet-reflecterende coating. [appellant sub 8] en [appellant sub 9] hebben niet gesteld of aannemelijk gemaakt dat de niet-reflecterende coating onvoldoende is om onaanvaardbare hinder door lichtschittering te voorkomen. Gelet op het voorgaande hebben de ministers zich in redelijkheid op het standpunt kunnen stellen dat geen onaanvaardbare hinder vanwege lichtschittering zal optreden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cdc440dde657600cd57a3814ed9a6ed520ca93183acf4bce437bfbde010d18d6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cdc440dde657600cd57a3814ed9a6ed520ca93183acf4bce437bfbde010d18d6, en de alinea staat in dat document op bytes 109123 tot 109938.