Citaat | Raad van State 4 mei 2016

Alinea 375 Raad van State 4 mei 2016

Een alinea uit Raad van State 4 mei 2016, ECLI:NL:RVS:2016:1228.

53.1. De Afdeling overweegt dat de ministers bij de vaststelling van een inpassingsplan rekening dienen te houden met een particulier initiatief betreffende ruimtelijke ontwikkelingen, voor zover dat initiatief voldoende concreet is, tijdig kenbaar is gemaakt en ten tijde van de vaststelling van het plan op basis van de op dat moment bekende gegevens de ruimtelijke aanvaardbaarheid daarvan kan worden beoordeeld. Ter zitting hebben appellanten verklaard dat zij, noch de buren van [appellant sub 10], concrete bouwplannen hebben. In hetgeen appellanten in dit kader hebben aangevoerd ziet de Afdeling dan ook geen aanleiding voor het oordeel dat de ministers het inpassingsplan niet in redelijkheid hebben kunnen vaststellen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cdc440dde657600cd57a3814ed9a6ed520ca93183acf4bce437bfbde010d18d6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cdc440dde657600cd57a3814ed9a6ed520ca93183acf4bce437bfbde010d18d6, en de alinea staat in dat document op bytes 171828 tot 172569.