Citaat | Raad van State 11 mei 2016
Alinea 37 Raad van State 11 mei 2016
Een alinea uit Raad van State 11 mei 2016, ECLI:NL:RVS:2016:1277.
5. Omdat [appellant] het oordeel van de rechtbank dat hij het bepaalde in artikel 30, eerste lid, aanhef en onder c, van de Huisvestingswet heeft overtreden, in hoger beroep niet heeft bestreden, dient van de juistheid van dit oordeel uitgegaan te worden. Zoals de rechtbank terecht heeft overwogen, was het dagelijks bestuur op grond van artikel 85a, eerste lid, van de Huisvestingswet in samenhang bezien met artikel 59, eerste lid, van de Huisvestingsverordening bevoegd om een bestuurlijke boete aan [appellant] op te leggen. Er bestonden geen beletselen voor het dagelijks bestuur om van deze bevoegdheid gebruik te maken. De Afdeling ziet net als de rechtbank in de door [appellant] aangevoerde omstandigheden geen aanleiding voor het oordeel dat het dagelijks bestuur niet in redelijkheid gebruik heeft kunnen maken van zijn bevoegdheid tot het opleggen van een bestuurlijke boete.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/9bc594a6b52c9fa5609aae93a896efb83ec23c01e2665342ac9051df4ce94fcc. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 9bc594a6b52c9fa5609aae93a896efb83ec23c01e2665342ac9051df4ce94fcc, en de alinea staat in dat document op bytes 12874 tot 13775.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/9bc594a6b52c9fa5609aae93a896efb83ec23c01e2665342ac9051df4ce94fcc | shasum -a 256