Citaat | Raad van State 2 juni 2016
Alinea 59 Raad van State 2 juni 2016
Een alinea uit Raad van State 2 juni 2016, ECLI:NL:RVS:2016:1550.
7.3. Over artikel 66a, achtste lid, van de Vw 2000 betoogt de staatssecretaris terecht dat de Afdeling in de uitspraak van 31 juli 2014 geen inhoudelijk oordeel heeft gegeven over dit artikel. De staatssecretaris betoogt verder terecht dat de omstandigheid dat hij de vreemdeling om strijd met artikel 3 van het EVRM te voorkomen niet zal uitzetten naar Syrië geen humanitaire of andere reden is als bedoeld in artikel 66a, achtste lid, van de Vw 2000, nu niet vast staat dat de vreemdeling niet uit Nederland kan vertrekken. Voorts betoogt hij in dit kader niet ten onrechte dat niet valt in te zien dat de vreemdeling zich niet elders, bijvoorbeeld bij zijn familie in Egypte, zou kunnen vestigen. Nu hetgeen onder 7.1 en 7.2 is overwogen, de vernietiging van het besluit zelfstandig kan dragen, kan dit echter niet leiden tot vernietiging van de aangevallen uitspraak.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/883d04acc2871cbfa5411b1b7d1e51c8f90fa248bb1817f21de28d1b9b7b54cc. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 883d04acc2871cbfa5411b1b7d1e51c8f90fa248bb1817f21de28d1b9b7b54cc, en de alinea staat in dat document op bytes 25947 tot 26832.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/883d04acc2871cbfa5411b1b7d1e51c8f90fa248bb1817f21de28d1b9b7b54cc | shasum -a 256