Citaat | Raad van State 27 januari 2016

Alinea 42 Raad van State 27 januari 2016

Een alinea uit Raad van State 27 januari 2016, ECLI:NL:RVS:2016:157.

3.4. Uit de hiervoor onder 3.3 vermelde uitspraak van de Afdeling in zaak nr. 201400648/1/A3 volgt dat het doel van een Wob-verzoek relevant kan zijn om te beoordelen of misbruik van recht heeft plaatsgevonden. Verder volgt uit die uitspraak dat de wetgever blijkens de geschiedenis van de totstandkoming van de Awb-bepalingen betreffende beslistermijnen en het verbeuren van dwangsommen wegens overschrijding daarvan niet heeft gewild dat door onredelijk gebruik van het recht om aanvragen in te dienen dwangsommen ten laste van de publieke kas kunnen worden geïncasseerd. Ook volgt uit die uitspraak dat de handelingen die een rechtsbijstandverlener namens de ene cliënt heeft verricht, niet aan de andere cliënt mogen worden toegerekend, maar dat bij de beoordeling of misbruik van recht heeft plaatsgevonden, rekening mag worden gehouden met de handelingen die de rechtsbijstandverlener namens een andere cliënt heeft verricht, aangezien die blijk geven van relevante kennis en ervaring en licht werpen op een algemene werkwijze.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b9d16bba3090cfd23387630984e9ee53263389120ccc7f5d6ff3b482ce2e9c48. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b9d16bba3090cfd23387630984e9ee53263389120ccc7f5d6ff3b482ce2e9c48, en de alinea staat in dat document op bytes 20719 tot 21769.