Citaat | Raad van State 27 januari 2016

Alinea 21 Raad van State 27 januari 2016

Een alinea uit Raad van State 27 januari 2016, ECLI:NL:RVS:2016:159.

De rechtbank Noord-Holland heeft het beroep van [appellant C] niet-ontvankelijk verklaard, omdat [appellant C] slechts bezwaar heeft gemaakt tegen het besluit van 14 mei 2014 en niet tegen het besluit van 27 mei 2014. Volgens de rechtbank kan het besluit van 27 mei 2014 niet als een besluit in de zin van artikel 6:19 van de Awb worden aangemerkt, omdat de Awir nadrukkelijk onderscheid maakt tussen de verlening van voorschotten en de definitieve vaststelling van de toeslag en het besluit van 27 mei 2014 dan ook niet als een vervanging of wijziging van het besluit van 14 mei 2014 kan worden beschouwd. Daarbij heeft de rechtbank verwezen naar AbRvS 27 februari 2013, ECLI:NL:RVS:2013:BZ2553. Dat het bezwaarschrift dateert van na het besluit van 27 mei 2014 maakt naar het oordeel van de rechtbank niet dat het bezwaarschrift zich ook tegen dat besluit richt, terwijl - nog steeds volgens de rechtbank - een voldoende procesbelang bij een oordeel over de herziening van het voorschot evenmin is gelegen in de mogelijkheid dat die herziening gevolgen kan hebben voor de definitieve vaststelling van de toeslag.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ba1380742082f667a98a34a72dd8f873153d05d3516d87d991f30b0200479b72. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ba1380742082f667a98a34a72dd8f873153d05d3516d87d991f30b0200479b72, en de alinea staat in dat document op bytes 19287 tot 20414.