Citaat | Raad van State 8 juni 2016
Alinea 36 Raad van State 8 juni 2016
Een alinea uit Raad van State 8 juni 2016, ECLI:NL:RVS:2016:1623.
6.1. In het besluit van 19 december 2014, waarbij het besluit van 20 mei 2014 is gehandhaafd en de motivering daarvan is overgenomen, heeft de staatssecretaris zich op het standpunt gesteld dat de vreemdeling niet in aanmerking komt voor vrijstelling van het mvv-vereiste krachtens artikel 3.71, tweede lid, aanhef en onder l, van het Vreemdelingenbesluit 2000, omdat zijn uitzetting niet in strijd is met artikel 8 van het EVRM. De staatssecretaris heeft zich na afweging van de belangen op het standpunt gesteld dat inmenging in het gezinsleven van de vreemdeling is toegestaan in het belang van het economisch welzijn van Nederland. De staatssecretaris heeft daaraan mede ten grondslag gelegd dat de vreemdeling na intrekking van de hem verleende verblijfsvergunning asiel Nederland niet heeft verlaten, dat zijn partner niet zelfstandig en duurzaam over voldoende middelen van bestaan beschikt en dat geen objectieve belemmering bestaat het gezinsleven in Irak of een buurland uit te oefenen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4db6a6ed9a6962af741a757940583a8b68b0be453e3d15f6005742805a9ef199. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4db6a6ed9a6962af741a757940583a8b68b0be453e3d15f6005742805a9ef199, en de alinea staat in dat document op bytes 16569 tot 17578.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/4db6a6ed9a6962af741a757940583a8b68b0be453e3d15f6005742805a9ef199 | shasum -a 256