Citaat | Raad van State 27 januari 2016

Alinea 1008 Raad van State 27 januari 2016

Een alinea uit Raad van State 27 januari 2016, ECLI:NL:RVS:2016:163.

119.4. In het gedeelte van het rapport van Grontmij dat Stichting BCB heeft overgelegd wordt in algemene zin uiteengezet in hoeverre zettingen zijn te verwachten als gevolg van de aanleg van de tunnel in het plangebied, maar wordt niet ingegaan op de gevolgen hiervan voor het hoofdhuis van buitenplaats Berbice. Zoals hiervoor is weergegeven, wordt in de bijgewerkte versie van dit rapport van 20 januari 2015 wel ingegaan op de gevolgen voor het hoofdhuis en wordt geconcludeerd dat op voorhand geen schade valt te verwachten. In hetgeen Stichting BCB heeft aangevoerd, heeft de Afdeling geen aanknopingspunten gevonden om te twijfelen aan de juistheid van deze conclusie. Voor zover de stichting niet overtuigd is van de volledigheid of juistheid van de bevindingen van Grontmij, had het op haar weg gelegen dit al dan niet aan hand van een contra-expertise met concrete feiten en omstandigheden te adstrueren. Anders dan Stichting BCB kennelijk veronderstelt, waren provinciale staten niet verplicht hiervoor middelen ter beschikking te stellen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/de4038df26250ed7cd75f7e0d7d459fb7b5e8aac9417acc6b4bf592e79cbce18. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt de4038df26250ed7cd75f7e0d7d459fb7b5e8aac9417acc6b4bf592e79cbce18, en de alinea staat in dat document op bytes 370907 tot 371969.