Citaat | Raad van State 29 juni 2016
Alinea 69 Raad van State 29 juni 2016
Een alinea uit Raad van State 29 juni 2016, ECLI:NL:RVS:2016:1803.
8. De maatschap betoogt dat de rechtbank ten onrechte heeft geoordeeld dat de minister aannemelijk heeft gemaakt dat de waarschuwingsbrief is verzonden. Hiertoe voert zij aan dat de rechtbank heeft miskend dat de minister met zijn beschrijving van de manier waarop de uitgaande post op het ministerie wordt verwerkt niet aannemelijk heeft gemaakt dat de waarschuwingsbrief de postkamer heeft bereikt, dan wel, zo het bereiken van de postkamer aannemelijk is, niet aannemelijk heeft gemaakt dat de waarschuwingsbrief het ministerie heeft verlaten. Volgens de maatschap was het voor de medewerker van de postkamer niet mogelijk te controleren of de waarschuwingsbrief, die volgens de beschrijving van de minister in een gesloten vensterenvelop bij de postkamer werd aangeboden, de postkamer had bereikt. Voorts kan uit de ondertekening van de door de minister overgelegde postregistratielijst door de medewerker van de postkamer niet worden afgeleid dat de brief is verzonden, omdat die medewerker niets over de verzending ervan heeft verklaard, aldus de maatschap.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2d50ed9fab5deb0a38f890b1d8f61d922bb46754d95019888d81f6005e7271cd. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2d50ed9fab5deb0a38f890b1d8f61d922bb46754d95019888d81f6005e7271cd, en de alinea staat in dat document op bytes 26394 tot 27470.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/2d50ed9fab5deb0a38f890b1d8f61d922bb46754d95019888d81f6005e7271cd | shasum -a 256