Citaat | Raad van State 6 juli 2016

Alinea 23 Raad van State 6 juli 2016

Een alinea uit Raad van State 6 juli 2016, ECLI:NL:RVS:2016:1884.

3. Uit de afzonderlijke Wob-verzoeken van [appellant] blijkt dat hij heeft verzocht om openbaarmaking van alle documenten waaruit de complete verzendadministratie van de Centrale Verwerking Openbaar Ministerie over de maand juli 2014 onderscheidenlijk augustus 2014 inzichtelijk wordt gemaakt. De Afdeling heeft [appellant] opgeroepen om in persoon ter zitting te verschijnen om door hem nader geïnformeerd te worden over de achtergrond van de ingediende Wob-verzoeken. Hij heeft aan deze oproeping geen gehoor gegeven, hoewel hij hiertoe ingevolge artikel 8:27 van de Algemene wet bestuursrecht verplicht was. Aldus is de Afdeling verhinderd om hem vragen te stellen over de achtergronden van zijn Wob-verzoeken. Ook zijn [gemachtigde] is niet ter zitting verschenen. Nu [appellant] geen plausibele verklaring heeft gegeven over de achtergronden van zijn Wob-verzoeken, is het doel dat hij met deze verzoeken heeft niet duidelijk. Deze onduidelijkheid dient, nu hij niet in persoon ter zitting is verschenen, voor rekening en risico van [appellant] te komen. Gelet hierop is de Afdeling van oordeel dat het onaannemelijk is dat de Wob-verzoeken zijn ingediend in verband met het door de Wob beoogde doel zoals omschreven onder 2.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8d4cd8222c225fc7606cc74a53d5a6bd03c6baa4db6dfb7c75a99fedff2aa970. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8d4cd8222c225fc7606cc74a53d5a6bd03c6baa4db6dfb7c75a99fedff2aa970, en de alinea staat in dat document op bytes 7904 tot 9148.