Citaat | Raad van State 6 juli 2016

Alinea 37 Raad van State 6 juli 2016

Een alinea uit Raad van State 6 juli 2016, ECLI:NL:RVS:2016:1885.

2.3. Uit het voorgaande volgt dat de bevoegdheid om Wob-verzoeken in te dienen is gebruikt voor een ander doel dan waarvoor die bevoegdheid is gegeven, zodanig dat dit gebruik blijk geeft van kwade trouw. Er is misbruik gemaakt van een wettelijke bevoegdheid. Dit geldt evenzeer voor het gebruik van de bevoegdheid om beroep in te stellen, nu dat beroep niet los kan worden gezien van het doel waarvoor de Wob is gebruikt. Deze handelwijze moet aan [verzoeker] worden toegerekend, aangezien [gemachtigde] de handelingen namens haar heeft verricht en zij hem daartoe heeft gemachtigd. De rechtbank had hierin aanleiding moeten zien het beroep niet-ontvankelijk te verklaren.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/904d38f9675085ac6a26bc52e428f3fb15b7098bdf04852a3c493c7320490f2e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 904d38f9675085ac6a26bc52e428f3fb15b7098bdf04852a3c493c7320490f2e, en de alinea staat in dat document op bytes 13103 tot 13789.