Citaat | Raad van State 20 juli 2016
Alinea 30 Raad van State 20 juli 2016
Een alinea uit Raad van State 20 juli 2016, ECLI:NL:RVS:2016:2016.
3. [appellante] betoogt dat de rechtbank heeft miskend dat het CBR de maatregel tot het volgen van een EMA bij het besluit van 19 november 2013 niet mocht opleggen, omdat het Openbaar Ministerie toen reeds voor hetzelfde feit tot vervolging van [appellante] was overgegaan. Volgens [appellante] betreft het opleggen van een EMA een "criminal charge" in de zin van artikel 6 van het Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden (hierna: het EVRM), zodat aldus het ‘ne bis in idem’ beginsel wordt geschonden. Hiermee is voorts niet in overeenstemming dat [appellante] wordt belast met het leveren van tegenbewijs van hetgeen in het proces-verbaal over haar verklaring is opgenomen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/9c4a113cc9f41564c4bb3ef34eb63e50cc8366d23f63612b098837432b174378. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 9c4a113cc9f41564c4bb3ef34eb63e50cc8366d23f63612b098837432b174378, en de alinea staat in dat document op bytes 9074 tot 9805.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/9c4a113cc9f41564c4bb3ef34eb63e50cc8366d23f63612b098837432b174378 | shasum -a 256