Citaat | Raad van State 20 juli 2016

Alinea 37 Raad van State 20 juli 2016

Een alinea uit Raad van State 20 juli 2016, ECLI:NL:RVS:2016:2016.

Na het geven van de cautie heeft een der verbalisanten [appellante] blijkens het proces-verbaal gevraagd of zij als bestuurder van de auto had opgetreden. Zij antwoordde: "ja". Op de vraag of zij een aanrijding had gehad, antwoordde zij: "ja, dat weet ik niet". Op de herhaalde vraag of zij had gereden, antwoordde ze: "ja, hoe kom ik anders thuis" of woorden van gelijke strekking. De ademanalyse die daarop werd afgenomen mislukte. Daarna is [appellante] aangehouden en meegenomen naar een politiebureau waar bij een hernieuwde ademanalyse een ademalcoholgehalte van 540 µg/l werd geconstateerd. Op het bureau heeft [appellante] volgens het proces-verbaal verklaard dat zij een feestje had gehad in de Aalbersestraat in Zwijndrecht en dat ze ergens bij winkelcentrum Walburg een ongeluk had gehad. Sporen van dit ongeluk zijn door de politie die nacht gezocht, maar niet gevonden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/9c4a113cc9f41564c4bb3ef34eb63e50cc8366d23f63612b098837432b174378. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 9c4a113cc9f41564c4bb3ef34eb63e50cc8366d23f63612b098837432b174378, en de alinea staat in dat document op bytes 13495 tot 14391.