Citaat | Raad van State 20 juli 2016

Alinea 48 Raad van State 20 juli 2016

Een alinea uit Raad van State 20 juli 2016, ECLI:NL:RVS:2016:2112.

6.4. Met de rechtbank beantwoordt de Afdeling de vraag of zich in dit geval feiten of omstandigheden voordoen waaruit een positieve verplichting tot toewijzing van een urgentieverklaring voortvloeit, ontkennend. De rechtbank heeft terecht overwogen dat het college de onder 6.3 vermelde feiten en omstandigheden bij zijn beoordeling heeft mogen betrekken. Met hetgeen [appellante] in hoger beroep aanvoert, heeft zij de juistheid en volledigheid van deze feiten en omstandigheden niet gemotiveerd weersproken. De rechtbank heeft terecht overwogen dat het college het belang van een rechtvaardige woonruimteverdeling in redelijkheid zwaarder heeft mogen laten wegen dan het belang van [appellante] om op de door haar gewenste wijze aan haar gezinsleven vorm te geven. Het beroep van [appellante] op artikel 8 van het EVRM kan derhalve niet tot vernietiging van de aangevallen uitspraak leiden. Reeds wegens de niet weersproken feiten en omstandigheden als vermeld onder 6.3 kan het niet nader toegelichte beroep van [appellante] op het IVRK, artikel 16 en artikel 31, aanhef en onder 2, van het ESH en artikel 2.6.11, eerste lid, van de verordening evenmin tot vernietiging van de aangevallen uitspraak leiden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d4db04a4d7a416548ff7839a1188d11288a5cd4d082dd2524442392b8d377e98. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d4db04a4d7a416548ff7839a1188d11288a5cd4d082dd2524442392b8d377e98, en de alinea staat in dat document op bytes 16646 tot 17868.