Citaat | Raad van State 20 juli 2016

Alinea 25 Raad van State 20 juli 2016

Een alinea uit Raad van State 20 juli 2016, ECLI:NL:RVS:2016:2123.

2. De vreemdeling klaagt in zijn enige grief dat de rechtbank ten onrechte heeft overwogen dat de staatssecretaris zich terecht op het standpunt heeft gesteld dat zich in Tripoli thans niet een uitzonderlijke situatie voordoet waartegen artikel 29, eerste lid, aanhef en onder b, onderdeel 3, van de Vreemdelingenwet 2000 (hierna: de Vw 2000) bescherming biedt. De vreemdeling betoogt dat bij de beoordeling of zich een dergelijke uitzonderlijke situatie voordoet, verschillende factoren moeten worden betrokken en niet uitsluitend het aantal dodelijke slachtoffers. Volgens de vreemdeling blijkt uit de door hem overgelegde stukken in het bijzonder dat het aantal ontheemden in Libië aanzienlijk is gestegen, dat in delen van het land de gevechten voortduren en dat de United Nations High Commissioner for Refugees (hierna: de UNHCR) een oproep heeft gedaan om gedwongen uitzettingen naar Libië op te schorten.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/1592db6fe7a4ee1c424587ade5637623a404a4b3fb6789c4f8b9b6469bd85bb6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 1592db6fe7a4ee1c424587ade5637623a404a4b3fb6789c4f8b9b6469bd85bb6, en de alinea staat in dat document op bytes 6872 tot 7798.