Citaat | Raad van State 3 augustus 2016

Onder 48.1. Raad van State 3 augustus 2016

Een alinea uit Raad van State 3 augustus 2016, ECLI:NL:RVS:2016:2144.

Numansdorp Projectontwikkeling betoogt dat de actuele behoefte geenszins beduidend groter is dan waaraan voldaan kan worden binnen het bestaand stedelijk gebied. Zij betoogt dat in de behoefte van 150 woningen kan worden voorzien op het bij haar in bezit zijnde ’t Hooft en Van Prooijen-terrein, uitgaande van een gebruikelijke dichtheid van 15 woningen per hectare. De andere woningen kunnen elders, of aansluitend aan haar terrein in de Molenpolder, worden gerealiseerd, aldus Numansdorp Projectontwikkeling. Zij voert verder aan dat bebouwing van haar terrein geen aantasting van de groene ruimte binnen de bebouwde kom tot gevolg heeft, zodat het argument van de raad dat inbreiding ten koste gaat van de groene ruimte in de openbare ruimte niet opgaat. Voorts is er volgens haar voor de voorziene bebouwing geen rechtvaardiging te vinden in het standpunt van de raad dat een verbinding tussen het dorp en het Hollands Diep dient te worden gemaakt. Die verbinding kan volgens haar ook worden gemaakt bij de bebouwing van haar terrein en de rest van de Molenpolder. De omstandigheid dat nog grond dient te worden verworven staat evenmin in de weg aan het realiseren van woningbouw op haar terrein, aldus Numansdorp Projectontwikkeling. Zij brengt verder naar voren dat, voor zover de raad heeft opgeworpen dat toestemming van de minister is vereist voor het realiseren van woningbouw door een woningbouwcorporatie, niet is uitgesloten dat deze wordt verleend, voor zover deze al nodig is. Numansdorp Projectontwikkeling betoogt voorts dat niet is onderbouwd waarom woningbouw op haar terrein niet financieel haalbaar is en in de Torensteepolder wel. De kosten voor de sloop van bebouwing op haar terrein zijn volgens haar te overzien. Zij wijst er verder op dat het bij de keuze voor haar terrein niet nodig is om een nieuwe ontsluitingsweg aan te leggen, zodat dit evenmin kan worden gebruikt als argument om geen woningbouw op het voormalige houthandelterrein te realiseren. De door de raad gestelde omstandigheid dat geen anterieure overeenkomst gesloten kan worden staat volgens haar evenmin aan realisatie van de plannen in de weg omdat de kosten via een exploitatieplan kunnen worden verhaald. Numansdorp Projectontwikkeling wijst erop dat in de uitspraak van de Afdeling van 2 juli 2014, ECLI:NL:RVS:2014:2408, over het besluit waarbij een eerder plan voor de Torensteepolder is vastgesteld, geen relatie is gelegd met het beoogde woningbouwprogramma en de daarbij behorende woningbouwdichtheid. Zij betoogt dat de raad in strijd heeft gehandeld met artikel 3:2 en artikel 3:4 van de Awb, omdat de raad naar aanleiding van die uitspraak niet in overleg is getreden met haar over de invulling van het ’t Hooft en Van Prooijen-terrein. Ook doet zich volgens haar strijd met artikel 3:46 van de Awb voor.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e1d8002cf585b852c69af33bf1b08f0b6b874f84fca459e62bed2c29d93421cd. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e1d8002cf585b852c69af33bf1b08f0b6b874f84fca459e62bed2c29d93421cd, en de alinea staat in dat document op bytes 66909 tot 69741.