Citaat | Raad van State 3 augustus 2016
Onder 7.1. Raad van State 3 augustus 2016
Een alinea uit Raad van State 3 augustus 2016, ECLI:NL:RVS:2016:2144.
Zoals de Afdeling eerder heeft geoordeeld, bijvoorbeeld in haar uitspraak van 27 mei 2015, ECLI:NL:RVS:2015:1621, is de in artikel 8:42, eerste lid, van de Awb genoemde termijn een termijn van orde. De wet verbindt er derhalve geen consequenties aan dat het verweerschrift niet binnen de termijn als bedoeld in artikel 8:42 is ingezonden. Anders dan [appellant sub 1] stelt, maakt de omstandigheid dat in deze procedure de Chw van toepassing is, dit niet anders.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e1d8002cf585b852c69af33bf1b08f0b6b874f84fca459e62bed2c29d93421cd. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e1d8002cf585b852c69af33bf1b08f0b6b874f84fca459e62bed2c29d93421cd, en de alinea staat in dat document op bytes 15592 tot 16071.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/e1d8002cf585b852c69af33bf1b08f0b6b874f84fca459e62bed2c29d93421cd | shasum -a 256