Citaat | Raad van State 3 augustus 2016

Onder 7.1. Raad van State 3 augustus 2016

Een alinea uit Raad van State 3 augustus 2016, ECLI:NL:RVS:2016:2144.

22. Voorts ziet de Afdeling in het betoog van [appellant sub 1] geen grond voor de conclusie dat de raad het belang dat is gemoeid met de aanleg van de oostelijke ontsluitingsweg niet in redelijkheid heeft kunnen laten prevaleren boven het belang van [appellant sub 1] bij een onaangetast woon- en leefklimaat.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e1d8002cf585b852c69af33bf1b08f0b6b874f84fca459e62bed2c29d93421cd. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e1d8002cf585b852c69af33bf1b08f0b6b874f84fca459e62bed2c29d93421cd, en de alinea staat in dat document op bytes 30847 tot 31170.