Citaat | Raad van State 10 augustus 2016

Alinea 54 Raad van State 10 augustus 2016

Een alinea uit Raad van State 10 augustus 2016, ECLI:NL:RVS:2016:2195.

6. [appellant sub 1] betoogt verder dat de rechtbank het college ten onrechte heeft gevolgd in het standpunt dat handhaving in dit geval onevenredig zou zijn in verhouding tot de daarmee te dienen belangen. Hij voert daartoe aan dat de redenering van het college waarmee het tot de conclusie is gekomen dat sprake is van een overtreding van geringe aard en ernst, waarbij het de afmetingen van het bouwwerk heeft vergeleken met de afmetingen van een bouwwerk dat zonder vergunning mag worden opgericht, geen stand kan houden. Daarnaast is de rechtbank bij haar oordeel uitgegaan van onjuiste feiten en omstandigheden. [appellant sub 1] stelt, anders dan de rechtbank heeft overwogen, nooit akkoord te zijn gegaan met het bouwwerk en daar wel hinder van te ondervinden. Verder is het volgens [appellant sub 1] in strijd met de wet, als ongelimiteerd wordt gedoogd, terwijl volgens hem vaststaat dat het bouwwerk niet kan worden gelegaliseerd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a07fbdd30004cddd766322963300362398c4b2184b66a073d677521d636963f8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a07fbdd30004cddd766322963300362398c4b2184b66a073d677521d636963f8, en de alinea staat in dat document op bytes 18266 tot 19220.